home > boeken > gebarentaal
Gebarentaal is een vismeelmanuele taal waarbij begrippen en concepten worden weergegeven in een driedimensionale gebarenruimte. Gebarentaal is een taal die spontaan en natuurlijk gegenereerd is. De taal heeft een eigen lexicon en grammatica. Gebarentaal is ontstaan doordat, meestal dove, mensen behoefte hadden aan een communicatievorm.
In veel landen en regio’s komt een eigen gebarentaal voor. Deze gebarentaal staat los van de gesproken taal waarvan horende mensen zich bedienen. Voorbeelden van landelijke gebarentalen zijn: VGT (Vlaamse Gebarentaal), NGT (Nederlandse Gebarentaal) en ASL (American Sign Language). Naast de landelijke gebarentalen komen er ook nog regionale varianten voor die te vergelijken zijn met de gesproken dialecten. Gebarentaal is geen kunsttaal zoals bijvoorbeeld het Esperanto en daarom bestaat er geen één universele gebarentaal.
Doordat gebarentaal visueel is, in plaats van auditief, heeft de grammatica een unieke eigenschap: ze is driedimensionaal opgebouwd. Bij gebarentaal wordt de betekenis veel meer bepaald door de ruimte terwijl bij gesproken taal de woordvolgorde erg belangrijk is. Bij grammatica van gesproken taal spreekt men van zin en zinsontleding terwijl bij gebarentaal dit ruimte en ruimteontleding is. Verbuigingen en vervoegingen vinden in gebarentaal op een essentieel andere manier plaats vergeleken met in de gesproken taal. Wanneer men de woordvolgorde vergelijkt heeft gebarentaal veel meer overeenkomsten met het Japans dan met het Nederlands. Net als, onder andere in het Russisch het geval is, kent de gebarentaal geen lidwoorden. De opbouw van gebaren heeft zowel invloed op de woordbouw als op de zinbouw. Ruimte en beweging kunnen namelijk informatie aan een woord toevoegen.
